De wereld van Grace Visserman staat op z’n kop als ze ontdekt dat haar doodgewaande vader nog in leven is. Vele jaren lang hebben haar moeder en stiefvader haar het tegendeel wijsgemaakt. Vol onbegrip en wrok vertrekt Grace halsoverkop naar Italië, het land van Davide, haar echte vader. Daar wordt ze hartelijk door hem en zijn familie ontvangen en krijgt ze gastvrij onderdak in zijn huis. Alles lijkt zich ten goede te keren, maar al snel ontdekt Grace dat Davide ernstig ziek is.
In de weken die volgen, proberen ze zoveel mogelijk tijd samen door te brengen. Davide vertelt over zijn verleden, over zijn liefde voor haar moeder Hylkje, en hoe het zo verkeerd kon aflopen. Na zijn dood weigert Grace terug naar Nederland te gaan, mede doordat ze inmiddels heeft kennisgemaakt met de aantrekkelijke Christophe.
Op een dag ontdekt ze dat de praatjes die over hem de ronde doen, waar blijken te zijn en ze vertrekt gedesillusioneerd naar huis.